+31 6 10435336 michael@musicwork.shop

KCO: opening night met werken van Bernstein, De Falla, Dvořák, Grieg, Moesorgski, Ravel, Tsjaikovski, John Williams, Karmit Fadael en Claude Chalhoub.
Gehoord: 12 september 2025 Sloterpark Amsterdam Nieuw-West.
Door Michael Klier

“I love John Williams!” zei dirigent Stéphane Denève aan het eind van de opening night afgelopen vrijdag in het Sloterpark. Op dat moment had de Franse dirigent al een zweetdrijvend concertprogramma met het Koninklijk Concertgebouworkest (KCO) gedirigeerd en was een beetje buiten adem. Maar van de door hem bewonderde filmmuziekcomponist (“What a humble man!”) konden er wel nog drie stukken bij.

De drie toegiften van Williams waren de kers op de toch al rijk versierde muzikale taart. En de toegang was gratis. Rondom het terrein stonden Foodtrucks en houten stoelen en banken waaraan de bezoekers konden picknicken. Via twee grote video schermen links en rechts van het podium was het orkest ook helemaal achter nog goed te zien. En de geluidsversterking was subliem: de ongeëvenaarde klank van dit Amsterdamse juweeltje kwam verbazingwekkend goed over.

Picknicken, muziek en hiphop

Al voor de vijfde keer begon het KCO zijn seizoensopening op een buitenlocatie. Dit jaar was Amsterdam Nieuw-West aan de buurt. Geheel volgens traditie werd er een artist uit dit stadsdeel uitgenodigd om mee te doen. Het ISH Dance Collective was dit jaar een uitermate gelukkige keuze. Geïnspireerd door bij de jeugd populaire (dans)stijlen brengt dit eigenzinnige dansgezelschap hiphop en urban sports van de straat op de theaterplanken.

ISH Dance Collective

“ISH is a way of life. Blijf vooral jezelf en zoek om je heen naar inspiratie.” Zegt Marco Gerris, oprichter en artistiek leider van ISH, die de choreografie maakte bij twee door en door klassieke muziekstukken. Voor de Arabische dans (koffie) uit ‘De notenkraker’ van Tsjaikovski kwamen er twee dansers uit de coulissen. Zij verbeeldden een aangrijpend verhaal van prille liefde. Voorzichtige toenadering, stoer doen en dreigend verlies werden met de lichaamstaal van nu uitgebeeld. De emoties kwamen onvervalst over en de lichaamsbeheersing van de dansers was adembenemend.

Voor de volgende Rituele vuurdans uit ‘El amor brujo’ van Manuel de Falla werd de groep uitgebreid naar vier dansers: Noor Jayani, Dietrich Pott, Maksim Kuznetsov, Salala Boonen. En daarmee begon een echt dansvuurwerk met salto’s, kopstanden en duizelingwekkende headspins. En al deze virtuoze Hip Hop moves pasten naadloos bij de 110 jaar oude muziek. Het publiek wist niet wat het zag. Het enthousiaste applaus sprak boekdelen: als je de jeugd en nieuw publiek wilt bereiken beste KCO, dit is de manier!

Van Bernstein tot Chalhoub

Het concert begon levendig met de Ouverture uit ‘Candide’ van Leonard Bernstein. Denève bleek een begiftigd spreker en vertelde vrijuit over de componisten en de verbindende kracht van muziek. Het volgde in de Amerikaanse sfeer het vierde deel Allegro con fuoco uit de ‘Symfonie nr. 9, ‘Uit de Nieuwe Wereld’’ van Antonín Dvořák. En ook de Morgenstemming en In de hal van de Bergkoning uit ‘Peer Gynt Suite nr. 1’ van Edvard Grieg mocht in deze verzameling van geliefde klassiekers niet ontbreken.

Gelukkig voelt het KCO zich eveneens verbonden met de hedendaagse componisten. Ze hadden er twee uitgenodigd. Helaas was Karmit Fadael niet aanwezig. Zij had op die avond een belangrijke uitvoering op het Gaudeamus Festival in Utrecht. Haarsfeervolle Nachtgezang is geïnspireerd door de noodklok tijdens de Corona pandemie.

Claude Chalhoub was er gelukkig wel. Zijn Scherzo voor strijkorkest had een uitgebreide vioolsolo voor concertmeester Mohamed Hiber, die met zijn volle mooie toon terecht alle aandacht opeiste.

‘Destructie’ van de Weense wals

La Valse van Maurice Ravel was voor de kenners het muzikale hoogtepunt van de avond. Denève vormde een meesterlijke spanningsboog van deze door de gruwelen van de 1. Wereldoorlog beïnvloede ‘destructie’ van de Weense wals. Waarna het orkest een bombastische klankkathedraal opzette met De grote poort van Kiev uit ‘Schilderijen van een tentoonstelling’ van Modest Moesorgski (arr. Maurice Ravel).

Wie nu al ging, na bijna 90 minuten muziek zonder pauze, heeft echt iets gemist. De drie stukken filmmuziek uit ET en Star Wars waren zo tot in het laatste detail uitgesproken gemusiceerd dat ik het nu met Denève eens ben: I love John Willams!

Foto’s: Eduardus Lee, Nathan Reinds

De recensie verschijnt ook op https://denieuwemuze.nl/category/recensies/