Ruhrtriennale. S-E-D Dance company: Delay the Sadness. Choreografie: Sharon Eyal
Gezien: 13 september 2025 Jahrhunderthalle Bochum, Duitsland.
Door Michael Klier
Elk jaar ga ik terug naar mijn roots. Die liggen in het Ruhrgebiet waar ik mijn jeugd heb doorgebracht. Telkens als ik de gedrongen mijnwerkershuisjes en de verlaten fabrieksinstallaties zie, komen verdwaalde herinneringen naar boven: school, de eerste kus of de verongelukte buurjongen.
Ik woon er al lang niet meer, maar kom nu terug om met vrienden te genieten van kunst en cultuur. Sinds 2002 vindt hier het grootscheepse cultuurfestival Ruhrtriennale in de regio plaats met voorstellingen in verschillende, van de voor deze regio zo typische, industriële monumenten.

Afgelopen week vond in de gigantische Jahrhunderthalle in Bochum weer eens een wereldpremière plaats. De S-E-D Dance company danste Delay the Sadness, de nieuwste choreografie van Sharon Eyal. Haar nieuwe en zeer persoonlijke stuk gaat over verlies en rouw. Dit opmerkelijke werk heeft ze opgedragen aan haar moeder Adina Eyal.
Gedurende 60 minuten dansten acht dansers virtuoos-expressief op de harde hypnotiserende ambient muziek van Josef Laimon. Hij gebruikt voor zijn minimalistische elektronische muziek diverse samples o.a. ook van John Tavener. Maar tijdens de eerste 20 minuten van de voorstelling werd uitsluitend Dance with Me, Maximilian van Khyaam Haque eindeloos herhaald. Diens onophoudelijk walsende driekwartsmaat met daarover zwevend een melancholiek vioolmelodietje nam het publiek mee naar een reeds lang vervlogen tijd.

Eyal heeft over haar creatie de volgende persoonlijke noot in het programmaboek laten afdrukken:
Voortzetting van het leven na de dood – Voortzetting van verdriet en zuiverheid – Voortzetting van de moeder
Emoties – Herinneringen
Ik herinner me, denk terug, stel me voor, droom
Dansen … ademen … stikken … pauzeren
In drie in elkaar overgaande delen choreografeerde Eyal een meeslepende wervelwind van emoties. In deel 1 lag haar focus op de hele dansgroep. Hun geometrische figuren bepaalden de sfeer en het beeld. Eyal liet zoals al in eerder werk haar dansers gekleed in crème gekleurde, nauw het lichaam omsluitende pakken, vooral veel op hun tenen dansen. Daarbij maakten ze met hun armen stijlvolle gebaren naar elkaar toe. Het geheel was pakkend en suggestief.
Eyal had voor de vier vrouwelijke en vier mannelijk dansers haast dezelfde uitputtende bewegingen bedacht. Zo bewoog de hele groep als één groot met elkaar nauw verbonden lichaam. Het stampende ritme werd omgezet in gracieuze balletpasjes, lenig gestrekte benen en naar boven gerekte armen. Ondanks de eenvormigheid van de muziek bleef de dans steeds weer verrassen.

In het tweede deel waren geregeld alleen de vrouwen of de mannen op het podium. De twee groepen reageerden op elkaar via imitatie of contrast. Voor individuele uitingen in mimiek of lichaamstaal was er amper nog ruimte. De sfeer leek in dit deel op de alom bekende ratrace waarin iedereen zich keurig aan de regels houdt en aan een ideaalbeeld wil voldoen.
Het laatste deel werd er vooral in paren gedanst. Laimons muziek was nu minder door ritme gestuurd en klonk emotioneler. Op de kostuums waren opeens lelijke donkere strepen te zien die op spataderen leken. Meer en meer kwam Héloïse Jocquevile met haar partner Johnny McMillan in de schijnwerpers te staan. Delay the Sadness naderde zijn aangrijpende hoogtepunt in de wanhopig toonloze pijnkreten van de soliste. De laatste 10 minuten zat het publiek ademloos naar haar expressieve stervensdans te kijken. Hoe Jocquevile de tweestrijd van doodsangst en het tomeloze verlangen om te leven tot de laatste levensdruppel op het podium bracht was grote kunst.

Eyal: “Delay the Sadness is een uitnodiging om te voelen, te delen en je te verbinden. Om verdrietig en gelukkig te zijn. En vooral om te zijn. Gewoon.”
Voor mij was dit een onvergetelijke belevenis.
Foto’s: Vitali Akimov, Davit Giorgadze
De recensie verschijnt ook op https://denieuwemuze.nl/category/recensies/