Gehoord: 26 maart 2025 Concertgebouw Amsterdam
Seung-Won Oh, Spiri III: Sacred Ritual (wereldpremière); Sofia Goebaidoelina, Offertorium voor viool en orkest; Robert Schumann, Symfonie nr. 4; KCO, Klaus Mäkelä; Julian Rachlin, viool
Op 13 maart jl. overleed Sofia Goebaidoelina, een van de grootste componisten van onze tijd. In oktober 2011 vierde het Koninklijk Concertgebouworkest (KCO) haar 80e verjaardag nog met haar en haar werk. In dezelfde maand beleefde de componiste in Amsterdam ook de Nederlandse première van haar Tweede Vioolconcert ‘In tempus praesens’ in Amsterdam. Gisteren speelde Julian Rachlin met het KCO haar eerste vioolconcert Offertorium, waarmee ze 45 jaar geleden doorbrak.
Gidon Kremer en Julian Rachlin
Het verhaal van de opdracht voor Offertorium begon met een toevallig gesprek in een taxi, tussen de componist en Gidon Kremer, van wiens spelkwaliteiten Goebaidoelina een enorme bewonderaar was. Goebaidoelina liet zich inspireren door Kremer’s “totale overgave van het zelf aan de toon.” Toen ze het opdrachtwerk in maart 1980 voltooide, had Kremer ondertussen besloten om niet meer terug te keren naar Rusland. Om het werk door hem in première te laten gaan moest ze de partituur naar het Westen laten smokkelen. Dat lukte en Kremer speelde het voor het eerst in 1981 in Wenen.
Net als Kremer vroeger speelt Rachlin een Stradivarius en ook hij is niet alleen violist, maar ook dirigent. In deze dubbelrol toerde Rachlin de afgelopen twee weken met zijn Jerusalem Symphony Orchestra met een laatste concert in Essen op dinsdagavond (25 maart). Maar dat was hem gisteren niet aan te merken. Rachlins toon was slank en lenig. Hij speelde de virtuoze solopartij tegelijkertijd vurig en gecontroleerd. Zeer indrukwekkend was zijn beheersing van de allerhoogste noten. In de twee cadensen trok hij het publiek in zijn ban ook al was de muziek voor een groot deel van het publiek zeker geen dagelijkse kost. Maar bij het horen van Rachlin’s kwaliteit bleef de zaal ademloos luisteren.

Goebaidoelina en Bach
In Offertorium staat het muzikale thema centraal dat Frederik de Grote aan Johann Sebastian Bach gaf voor zijn Musikalisches Opfer (BWV 1079). Goebaidoelina verspreidde dit thema net als Webern in zijn bewerking van de Ricercar a 6 over verschillende instrumenten. Maar zij ging nog een stap verder door elke noot van het beroemde thema over een ander instrument te verdelen en daardoor een Klangfarbenmelodie te creëren. Vervolgens werden Goebaidoelina’s variaties steeds ingewikkelder en onherkenbaarder. Een kosmos van klanken nam het over van de melodie. Haar virtuoze behandeling van het grote orkest en diens rijkdom aan kleuren maakten dit moderne stuk tot een ware belevenis.

Seung-Won Oh
Het concert begon met een wereldpremière. Spiri III: Sacred Ritual van de Zuid-Koreaanse componiste Seung-Won Oh. Het 20 minuten durende stuk was een vrolijke happening van door boventoonladders geïnspireerde muziek die veel weg had van composities van haar collega’s Tan Dun en John Adams. Dirigent Klaus Mäkelä was de ideale pleitbezorger voor dit harmonische vuurwerk voor groot orkest. Hij danste, ging door zijn knieën en keek in het rond als een voodoopriester op zoek naar extase. En hij kreeg zijn musici exact daar waar hij ze wilde hebben. Het enigszins voorspelbare stuk explodeerde als het ware op het podium. Vanaf de allereerste maat stond het orkest onder stroom en ontvouwde zich een bombardement van welluidendheid. Het gebrek aan thematische fijnzinnigheid werd zonder meer goedgemaakt door de geweldige uitvoering.

Schumann en Mäkelä
Na de pauze stond Schumann’s 4. Symfonie op het programma. Mäkelä legde zijn repertoirekeuze zo uit: ‘‘Robert Schumann is dé romantische componist. Zijn muziek vult je hart met vreugde en verdriet – de emoties zijn heel puur en eerlijk.” En ja hoor: wie van te voren (zoals ik) dacht dat de Vierde ook maar een beetje onder zou doen aan de vorige composities die weet sinds gisteravond beter. De vier zonder onderbreking aan elkaar gecomponeerde delen werden door Mäkelä en zijn KCO zo stormachtig en subtiel, zo smachtend en brutaal neergezet zoals ik Schumann nauwelijks eerder heb gehoord. Subliem!
Goede muziek is van alle tijden, goede musici moet je koesteren! Zij maken het verschil!
Foto’s: Milagro Elstak
De recensie verschijnt ook op https://denieuwemuze.nl/category/recensies/